et uiterlijk van een voortbrengsel - zoals de vorm van een koffiezetapparaat,
een stofzuiger of een collier - kan als model beschermd zijn. Onder dit rechtsgebied
vallen zowel tekeningen als modellen. Een model is
driedimensionaal, een tekening tweedimensionaal (denk bijv. aan het
dessin van een stof of behangselpapier). Hierna hebben we het kortheidshalve
alleen over modellen.
Aan de orde komen: wetgeving | ontstaan van het recht | duur van het recht | inhoud van het recht | rechthebbende | exploitatie van het recht.
Lees eerst ter introductie: Rechtsgebied.
In het modellenrecht spelen nogal wat regelingen door elkaar heen.
Het modellenrecht wordt voor een deel
geregeld in het Benelux-Verdrag inzake de Intellectuele Eigendom.
Dit verdrag is in 2006 van kracht geworden. Zoals de naam al zegt, geldt het verdrag voor de gehele Benelux.
Voor het verkrijgen van het modellenrecht op basis van dit verdrag is vereist dat het model gedeponeerd en
ingeschreven wordt. Om in de verschillende landen tot eenzelfde wetsuitleg te komen, kan de nationale rechter
vragen stellen aan het Benelux Gerechtshof.
Zie over het Benelux Gerechtshof: Rechtsgebied - Algemeen -
Rechtspraak
Het modellenrecht is in 2003 behoorlijk gewijzigd. Dit moest op grond van de Europese Richtlijn
inzake rechtsbescherming van modellen. Niet alle wijzigingen zijn even helder,
zo zullen we straks zien. Het Europese Hof van Justitie zal uiteindelijk voor duidelijkheid
moeten zorgen.
Zie over het Europese Hof van Justitie: Rechtsgebied - Algemeen -
Rechtspraak
In 2002 is de Verordening betreffende Gemeenschapsmodellen in werking getreden. Nu kan met één aanvrage voor
de gehele Europese Unie een modelrecht verkregen worden.
Zie ook: Bescherming - Modeldepot - Gemeenschapsmodeldepot
Belangrijk is dat de verordening ook een niet-geregistreerd
gemeenschapsmodelrecht mogelijk maakt. Een model dat nieuw is en een eigen karakter bezit, wordt drie jaar lang beschermd.
Er kan bij een dergelijk niet-ingeschreven model echter alleen opgetreden worden tegen bewuste nabootsing.
Ook hier is het Europese Hof van Justitie de hoogste rechter.
Op basis van de Overeenkomst van Den Haag uit 1925 is het mogelijk voor een aanzienlijk aantal landen tegelijk
een modelinschrijving aan te vragen.
Zie ook: Bescherming - Modeldepot - Internationaal modeldepot
Wij beperken ons hier tot het Benelux modellenrecht.
Ontstaan van het recht
Om een modelrecht te verkrijgen moet u het model bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (laten) deponeren. Het Benelux
modelrecht ontstaat echter pas op het moment dat het depot ingeschreven wordt in het register van het Bureau. Deze inschrijving
worden gepubliceerd in het Benelux Tekeningen- of Modellenblad.
Zie ook: Bescherming - Modeldepot - Benelux modeldepot
Diegene die deponeert verkrijgt het modelrecht, ook al heeft hij het model niet zelf ontworpen. Zo kan de opdrachtgever, de werkgever
of zelfs de dief (!) zijn recht tegenover derden handhaven. Wel heeft de ontwerper onder omstandigheden
de mogelijkheid het depot op te eisen.
Er kan één model gedeponeerd worden (enkelvoudig depot) maar ook verschillende tegelijk
(meervoudig depot).
Voor het verkrijgen van een modelrecht is het nodig dat de inschrijving betrekking heeft op een nieuw uiterlijk van een voortbrengsel.
Ook dient het uiterlijk een eigen karakter te bezitten.
Een model is "nieuw" als het niet identiek is met eerdere modellen (dat wil zeggen als het op belangrijke details met andere modellen
verschilt). Een model bezit een "eigen karakter" wanneer de algemene indruk
verschilt van de algemene indruk die bij eerdere modellen wordt gewekt. Bij nieuwheid lijkt het dus te gaan om
verschillen in details, bij eigen karakter om verschillen in de algemene indruk.
De eis van een eigen karakter wordt pas sinds 2003 aan een model gesteld. Het is nog afwachten welke betekenis de rechter
aan deze extra eis hecht. Het zou goed kunnen dat in de praktijk deze eis van weinig betekenis blijkt te zijn en dat een rechter,
zodra hij meent dat het model nieuw is, al snel vindt dat ook sprake is van een eigen karakter.
Bij de beoordeling of sprake is van nieuwheid en een eigen karakter, wordt het gedeponeerde model vergeleken met modellen die aan
het publiek beschikbaar zijn gesteld voorafgaand aan het depot (en zo behoren tot het "vormgevingserfgoed").
Dat is het geval als een depot is gepubliceerd in het Benelux
Tekeningen- of Modellenblad. Ook kan een model op een andere wijze zijn openbaar gemaakt (bijvoorbeeld door het model in winkels te verkopen
of te publiceren op Internet). Modellen die niet ter kennis hebben kunnen komen aan mensen die binnen de Europese Economische Ruimte
in de betrokken sector werken, tellen niet mee.
Zie over de Europese Economische Ruimte: Rechtsgebied - Algemeen - Verdragen
ALS U UW ONTWERP in de verkoop brengt of op een beurs toont kan dat dus nieuwheidsschadelijk zijn. U kunt dan geen modelrecht meer
verkrijgen, ook al wordt uw depot ingeschreven. Veel ontwerpers zijn zo de boot ingegaan.
Het Benelux modelrecht biedt nog wel een "terme de grâce". Als u binnen een jaar na
de openbaarmaking alsnog het depot verricht is er niets aan de hand. U loopt dan echter wel het risico dat in de tussentijd
een vergelijkbaar model in het Modellenblad is gepubliceerd of een ander een dergelijk model op de markt brengt.
Wij raden u daarom dringend aan het ontwerp zo spoedig mogelijk te deponeren!
De Rechtbank Almelo nam in zijn Nederhose-uitspraak uit 2006 aan dat geen sprake was van nieuwheid. Het ging hier om een oranje-variant op de "Lederhose" in het kader van het WK-voetbal in Duitsland.
Uitgesloten van modelrechtelijke bescherming zijn die elementen van het uiterlijk die mogelijk
octrooirechtelijk beschermd kunnen worden. Het Benelux-Verdrag inzake de Intellectuele Eigendom spreekt over uiterlijke
elementen die uitsluitend door de technische functie worden bepaald.
Het uiterlijk mag verder niet in strijd zijn met de goede zeden of openbare orde. Is dit wel het
geval dan kan het depot op verzoek van een belanghebbende of het Openbaar Ministerie nietig verklaard worden.
Duur van het recht
Het modelrecht geldt vijf jaar. De inschrijving kan bovendien nog viermaal met vijf jaar verlengd worden. In totaal duurt de modelrechtelijke
bescherming dus maximaal 25 jaar.
Inhoud van het recht
De modelhouder kan zich verzetten tegen het gebruik van voortbrengselen met hetzelfde uiterlijk of
met een uiterlijk dat bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekt.
Dit criterium is in 2003 in het modelrecht gekomen. Volgens de Benelux-wetgever is dit geen ander criterium dan het oude waar het moest gaan om
"ondergeschikte verschillen". De Hoge Raad legt dit oude criterium zo uit dat bij het publiek verwarring te duchten
moet zijn (zie het Decaux/Mediamax-arrest uit 1995).
Uiteindelijk zal het Europese Hof van Justitie zich moeten buigen over de exacte betekenis van het nieuw inbreukcriterium.
De modelhouder kan zich niet verzetten tegen de exploitatie van voortbrengselen die vòòr de depotdatum in de Benelux zijn
vervaardigd. De zogenaamde "voorgebruiker" mag gelijkende modellen op de markt blijven brengen, maar niet importeren.
Hetzelfde geldt voor voortbrengselen die met toestemming van de modelhouder in de Europese Economische Ruimte in het verkeer zijn gebracht.
Het modelrecht op deze specifieke voortbrengselen is - in het juridisch jargon - "uitgeput".
Ook kan de modelhouder zich niet verzetten tegen gebruik van het model in de particuliere sfeer en voor niet commerciële (wetenschappelijke,
educatieve) doeleinden.
Schadevergoeding kan alleen gevorderd worden voor handelingen die nà publicatie van het depot hebben plaatsgevonden,
tenzij de inbreukmaker wist dat het model gedeponeerd was.
BEHALVE HET BENELUX MODELLENRECHT kunnen wellicht ook andere beschermingsregimes nog soelaas bieden. Zo biedt de Gemeenschaps- modellenverordening,
gedurende drie jaar, ook bescherming aan niet-geregistreerde modellen. Verder kan het auteursrecht of het merkenrecht eventueel
te hulp schieten. Tenslotte is er nog de mogelijkheid van een actie uit onrechtmatige daad.
Al deze andere regimes hebben echter als groot nadeel dat er sprake moet zijn van (al dan niet bewuste of onbewuste) ontlening of (slaafse)
nabootsing. Bij een ingeschreven model speelt dat afkijken geen enkele rol: "geen andere algemene indruk" is het enige criterium voor
inbreuk.
Hierboven hebben we gezien dat diegene die deponeert het recht op het ingeschreven model verkrijgt, ook al heeft
hij het model niet zelf ontworpen.
Zie hierboven: Ontstaan van het recht
Heeft de ontwerper voor het betreffende depot geen toestemming gegeven, dan kan hij
het depot opeisen. Hij heeft hiervoor de tijd tot vijf jaar na publicatie van de depot. De
nietigheid van het depot kan de ontwerper altijd, dus zonder dat hij vastzit aan
een bepaalde termijn, inroepen.
Laat de ontwerper na actie te ondernemen, dan bezit de deposant dus het modelrecht (het Europese Hof
van Justitie in het Keurkoop/Nancy Kean Gifts-arrest uit 1982).
Als een werknemer in de uitoefening van zijn functie een model ontwerpt, dan wordt de werkgever
als de ontwerper beschouwd. Een en ander is te vergelijken met het auteursrecht waar de
werkgever de auteursrechthebbende wordt.
Ook diegene die opdracht heeft gegeven tot het maken van een bepaald model met de bedoeling het
model in het economisch verkeer te brengen, geldt als de ontwerper.
Het moet dan wel gaan om het ontwerpen van een standaardmodel voor de vervaardiging op
industriële schaal. Is het model voor particuliere doeleinden bestemd, dan blijft het recht tot
depot bij de werkelijke ontwerper.
Zowel de werkgever als de opdrachtgever kunnen, als fictieve ontwerper, het depot opeisen. Dit is overigens
allemaal regelend recht; partijen kunnen afwijkende afspraken maken.
DAT DE OPDRACHTGEVER in bepaalde omstandigheden als ontwerper wordt gezien is een belangrijk verschil met
het auteursrecht. Daar behoudt de opdrachtnemer het auteursrecht op het in opdracht uitgevoerde werk, tenzij anders
overeengekomen.
Let op! Is een model eenmaal (rechtmatig) ingeschreven, dan komt ook het auteursrecht dat eventueel op het model
rust bij de deposant (bijvoorbeeld de opdrachtgever) te liggen. Deze auteursrechtoverdracht is beperkt tot
het openbaarmaken en verveelvoudigen van het werk als element van het model (bijvoorbeeld een schilderij op
een koekdoos).
Het modelrecht kan aan een ander overgedragen worden. Niet geldig is de overdracht, indien deze niet schriftelijk is vastgelegd
of geen betrekking heeft op het gehele Beneluxgebied.
Een overdracht kan alleen aan een derde worden tegengeworpen na inschrijving in het
modellenregister.
Voor het modelrecht mag ook een licentie verleend worden. De licentie
kan wel betrekking hebben op een deel van het Beneluxgebied en hoeft niet schriftelijk
vastgelegd te worden.
Toch is het in de praktijk noodzakelijk een licentie op schrift te stellen. Een licentie kan
namelijk alleen na inschrijving in het Modellenregister aan derden worden
tegengeworpen.
Meer weten over Intellectuele Eigendom? Zie Rechtsgebied - Algemeen.
Email: info@bescherm-uw-idee.nl -
Telefoon: 065 3344558 -
U kunt ook gebruik maken van onderstaand formulier.
Nieuws | Over ons | Doelgroep | Rechtsgebied | Bescherming | Inbreuk | Afspraken | Workshop | Advocatuur
Boek van de
maand
Appetite For Self-Destruction, Knopper (2009)
Film (DVD)
Flash Of Genius, Abraham (2009)
Recensie
Trailer
U komt hier terecht op de website van bol.com.

Externe links
Links die genoemd worden in de tekst:
Benelux-Verdrag inzake Intellectuele Eigendom
Richtlijn inzake rechtsbescherming van modellen
Verordening betreffende Gemeenschapsmodellen
Overeenkomst van Den Haag (engelstalig) -
aangesloten landen
Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom
Nederhose-uitspraak, Rechtbank Almelo (kort geding), 2006
Externe links vallen buiten onze verantwoordelijkheid.
Bescherm uw Idee b.v.
Advies inzake Intellectuele Eigendom - sinds 2001