tel u vindt een door u gemaakte foto terug op een website of u merkt dat een door u ontworpen stoel
op een internationale meubelbeurs wordt verkocht. Of u komt er achter dat een concurrent
een merk gebruikt dat wel erg op het uwe lijkt. Zonder dat u om toestemming is gevraagd.
U wilt hiertegen optreden. Een ander profiteert immers van uw inspanningen
zonder dat daar een tegenprestatie tegenover staat.
Hoe pakt u dit aan?
RECHTSBIJSTANDVERZEKERAARS ZIJN HUIVERIG om conflicten op het gebied van de Intellectuele Eigendom te dekken.
Kennelijk is de uitkomst van een rechtszaak op dit rechtsgebied te onzeker. Wij zijn niet op de hoogte van
een verzekering die de bedoelde dekking wel biedt.
Het is ook de vraag of de door de rijksoverheid gesubsidieerde rechtsbijstand uitkomst biedt. De Raad voor
Rechtsbijstand biedt in ieder geval geen ondersteuning als het gaat om een geschil dat beheerst wordt door
'bedrijfsmatig handelen'.
Neem contact met ons op. Wij kunnen u gedegen adviseren over de vraag of inderdaad sprake is van
inbreuk en wat uw kansen zijn in een eventueel te voeren rechtszaak.
U moet er wel rekening mee houden dat ons advies tot stand komt op basis van informatie die u ons
geeft. De andere kant van het verhaal horen wij in eerste instantie meestal niet.
Het is uiteraard van het grootste belang dat u ons alle relevante informatie ter beschikking
stelt. Alleen dan kunnen wij u verantwoord helpen.
Wij adviseren alleen schriftelijk. U kunt alles dan nog eens rustig
doorlezen. Bovendien voorkomen we zo dat een verschil van mening ontstaat over de inhoud van het
advies.
Zie voor meer informatie: Over ons - Onze werkwijze.
In veel gevallen sturen we allereerst een aangetekende brief naar de vermeende inbreukmaker.
In deze brief maken we hem uiteraard attent op de inbreuk en stellen we namens u bepaalde eisen.
Voor de hand ligt natuurlijk allereerst het stoppen van de inbreuk op uw rechten.
Het is van groot belang het conflict in der minne te regelen. Wij doen hiervoor onze uiterste best.
Procederen is een uiterste middel: het is kostbaar, vaak langdurig en psychisch belastend. Een
gerechtelijke procedure kan jarenlang duren en - vooral als u in hoger beroep gaat - vele
tienduizenden euro's kan kosten. Een kort geding gaat sneller en is minder duur; er moet dan
echter wel sprake zijn van een 'spoedeisend belang' (zie ook hierna).
Komen we er echter onderling niet uit dan zal uiteindelijk toch de moeilijke beslissing genomen moeten
worden om wel of geen een rechtszaak te beginnen.
ER BESTAAT EEN GROEIENDE BELANGSTELLING voor mediation. Het is de bedoeling dat door onderling
overleg onder toezicht van een zogenaamde ‘mediator’ een geschil sneller en goedkoper opgelost wordt.
Bijkomend voordeel is dat de rechtelijke macht ontzien wordt.
Voorzichtigheid is hier echter op zijn plaats. Mediation is met minder waarborgen omringd dan een gang
naar de rechter.
Het doel van een rechtszaak is het verkrijgen van een uitspraak waarin de rechter de inbreuk
bevestigt en bijvoorbeeld een dwangsom oplegt of een schadevergoeding vaststelt. Het grote voordeel is
dat u de inbreukmaker kunt dwingen om aan deze uitspraak te
voldoen. U kunt namelijk een gerechtdeurwaarder opdracht geven om beslag laten
leggen op zijn geld of goederen.
Besluit u tot een rechtszaak, dan werken wij samen met een uitstekende advocaat. Hoewel het
niet in alle gevallen verplicht is een advocaat in de arm te nemen, raden wij u dringend aan dat toch te doen.
Procederen is een weg vol voetangels en klemmen, waar een specialist niet gemist kan worden.
U heeft de keuze tussen het aanspannen van een kort geding of het starten van een gewone
procedure (in jargon: bodemprocedure).
Een gewone gerechtelijk (bodem)procedure is vaak een zaak van lange adem. Een kort geding
lijkt dan ook een aantrekkelijk alternatief. De procedure is kort en simpel. Beide partijen
verschijnen voor de voorzieningenrechter (die deel uitmaakt van de rechtbank) en lichten hun
standpunt toe. De rechter doet snel uitspraak, meestal binnen twee of drie weken.
Zo'n uitspraak in kort geding is echter een voorlopige voorziening. Een tijdelijke oplossing
voor een nijpend probleem. Er moet dan ook sprake zijn van een ‘spoedeisend belang’. Alleen
dan kan met succes een kort geding gestart worden. Is geen sprake van een dergelijk belang,
dan zal een bodemprocedure begonnen moeten worden.
Als op dit moment inbreuk gepleegd wordt, is er sprake van een spoedeisend belang. Een kort
geding kan dan uitkomst brengen: auteursrechtinbreuk kan snel gestopt worden, net als het
gebruik van een verwarringwekkend merk, om twee voorbeelden te noemen.
Is in het verleden inbreuk gepleegd (maar op dit moment niet meer) dan kunt u niet naar de
voorzieningenrechter, maar bent u aangewezen op een gewone rechter.
Zoals gezegd is een uitspraak in kort geding bedoeld als een tijdelijke oplossing. In de praktijk
blijkt echter dat partijen zich vaak neerleggen bij een dergelijke uitspraak. Wanneer echter
de gedaagde voet bij stuk houdt, kan hij de eiser dwingen alsnog een bodemprocedure te starten.
Dat moet dan binnen dertig dagen gebeuren anders verliest de uitspraak in kort geding zijn werking.
De voorzieningenrechter is overigens terughoudend is bij het
toekennen van een voorschot op de schadevergoeding. De Hoge Raad verplicht de rechter duidelijk
uit te leggen waarom het toekennen van een dergelijk bedrag
uit hoofde van onverwijlde spoed geboden is (zie het HBS/Danestyle-arrest uit 2000).
In sommige omstandigheden zal het starten van een gewone (bodem)procedure niet te voorkomen zijn. We stappen hieronder met zevenmijlslaarzen door zo'n procedure.
Een bodemprocedure start bij de rechtbank. Meestal is dat de rechtbank in het arrondissement waar de
gedaagde woont of zetelt (voor chips- en octrooirechtzaken is alleen de Rechtbank te Den Haag bevoegd).
De rechtbank bestaat normaal gesproken uit drie rechters. Als u echter niet meer dan € 5.000,- vordert,
wordt de zaak behandeld door slechts één rechter: de kantonrechter.
Allereerst overhandigt een gerechtsdeurwaarder de dagvaarding aan de vermeende inbreukmaker.
In de dagvaarding staat precies wat van de rechtbank gevorderd wordt en waarop dat is gebaseerd.
De wederpartij kan hierop schriftelijk reageren. Deze reactie wordt
een 'conclusie van antwoord' genoemd.
Vervolgens wordt een zogenaamde 'comparitie van partijen' gehouden. De eiser en de gedaagde lichten
hun standpunt mondeling toe voor de rechtbank. Deze kijkt of partijen er nog onderling
uit kunnen komen. Lukt dat, dan wordt er geschikt.
De rechtbank beslist hoe de zaak verder verloopt. Zij kan besluiten om uitspraak te doen, maar
ook besluiten om meer informatie vragen. Er volgt dan nog een wisseling van stukken. De eiser komt met een
'conclusie van dupliek' en de gedaagde met een 'conclusie van repliek'.
Het vonnis dat de rechtbank uiteindelijk wijst, kan een eindvonnis zijn. Dan is de procedure afgelopen.
De rechtbank kan echter ook vragen om een bepaald bewijs te leveren (bijvoorbeeld door het overhandigen
van documenten of het horen van getuigen).
Over het geleverde bewijs mogen partijen zich eerst uitlaten, voordat de rechtbank opnieuw vonnis wijst.
Dit vonnis kan wederom een tussenvonnis zijn.
Zo kan de rechtbank in haar tweede tussenvonnis bijvoorbeeld beslissen dat inderdaad sprake is van
auteursrechtinbreuk, maar dat nu nog bepaalde gegevens nodig zijn om de geleden schade te kunnen
bepalen.
Is een van de partijen het niet eens met de uitspraak van de rechtbank, dan kan hij in hoger beroep
gaan. Wel is er een grens gesteld: gaat het om een bedrag dat lager is dan € 1.750,- dan is geen
hoger beroep meer mogelijk.
Het hoger beroep - dat binnen drie maanden ingesteld moet worden - wordt behandeld door het
gerechtshof. Het hof bestaat uit drie rechters, die 'raadsheren' genoemd worden.
De partij die in hoger beroep gegaan is (de 'appellant'), voert 'grieven' aan tegen het vonnis
van de rechtbank. Het Hof beoordeelt deze grieven. De gang van zaken is verder vergelijkbaar met
die bij de rechtbank. Een 'conclusie' heet hier echter een 'memorie' en een uitspraak heet geen
vonnis, maar een 'arrest'.
Nadat het Hof eindarrest gewezen heeft, kan een partij - binnen drie maanden - in cassatie gaan bij
de Hoge Raad. Dit hoogste rechtscollege van Nederland kan het arrest vernietigen ('casseren').
De vijf raadsheren beoordelen de zaak alleen op zijn juridische merites. Feitelijke beslissingen kunnen
niet meer aangetast worden, tenzij deze onbegrijpelijk zijn.
Alleen een gespecialiseerde advocaat mag de 'eiser tot cassatie' bij de Hoge Raad
vertegenwoordigen. Deze cassatie-advocaat formuleert een of meer zogenaamde
'cassatiemiddelen'. Beide partijen kunnen de zaak schriftelijk toelichten, waarna een
advocaat-generaal van het Openbaar Ministerie zijn mening geeft ('conclusie neemt').
Besluit de Hoge Raad tot vernietiging van het arrest, dan kan hij de zaak zelf afdoen.
Vaak echter wordt de zaak voor verdere afhandeling terugverwezen naar hetzelfde hof of
doorverwezen naar het ander hof.
Er kunnen in een rechtszaak tal van zaken gevorderd worden. We geven hier een beknopt (dus niet volledig!) overzicht van de belangrijkste handhavingsmiddelen.
Inbreuk op een Intellectueel Eigendomsrecht - zoals een Auteursrecht, Octrooi- of Merkrecht - is onrechtmatig.
Het eerste waar je natuurlijk aan denkt, is het vorderen van een verbod op verdere inbreuk.
Zo'n eis tot
verbod behoort gepaard te gaan met een vordering tot het betalen van een dwangsom als toch inbreuk gepleegd wordt,
anders zet een rechterlijk verbod weinig zoden aan de dijk.
Het handelsnaamrecht kent nog een aparte mogelijkheid. Een belanghebbende kan de kantonrechter
in een verzoekschrift vragen hoe een handelsnaam gewijzigd moet worden om geen inbreuk meer
te maken. De kantonrechter wordt hier dus geacht geen verbod uit te spreken,
maar aan te geven hoe het wel moet.
Zie over het handelsnaamrecht: Rechtsgebied - Handelsnaamrecht.
Het ligt voor de hand in een gerechtelijke procedure ook schade- vergoeding te vorderen.
Voor schadevergoeding is vereist dat de inbreuk aan de inbreukmaker
toegerekend kan worden. In de praktijk zal dit al snel het geval zijn.
Voor schadevergoeding in octrooirechtzaken is vereist dat de inbreukmaker feitelijk weet dat hij
inbreuk op het octrooi maakt. Deze zogenaamde 'desbewustheid' staat overigens vast dertig
dagen nadat een deurwaarder de inbreukmaker op zijn inbreuk heeft gewezen.
Zie over het octrooirecht: Rechtsgebied - Octrooirecht.
In het modellenrecht kan alleen schadevergoeding worden gevorderd voor
inbreuk die gepleegd is nadat de modelinschrijving door het Benelux Bureau voor de Intellectuele
Eigendom gepubliceerd is. Tenzij - uiteraard - de inbreukmaker al wist dat het betreffende depot was
verricht.
Zie over het modellenrecht: Rechtsgebied - Modellenrecht.
VEEL WETTEN OP HET GEBIED van de Intellectuele Eigendom kennen strafrechtelijke bepalingen.
Opzettelijke inbreuk is een misdrijf en kan bestraft worden met een geldboete of gevangenisstraf.
Vervolging door het Openbaar Ministerie vindt echter niet zo snel plaats. Zie ook de
Aanwijzing intellectuele-eigendomsfraude afkomstig van het College van procureurs-generaal.
De meeste intellectuele eigendomswetten bieden de mogelijkheid naast de geleden schade ook de door de
inbreukmaker gemaakte winst te vorderen.
Voor het auteursrecht heeft de Hoge Raad uitdrukkelijk bepaald
dat alleen het hoogste bedrag van beide – dus schade òf winst - toegewezen mag worden. Zie het hierboven
al genoemde HBS/Danestyle-arrest.
Vaak kan de rechthebbende de inbreukmakende voorwerpen uit het verkeer laten halen of zelfs
als zijn eigendom opvorderen. Ook kan meestal gevraagd
worden om vernietiging van de apparatuur waarmee de inbreuk is gepleegd en kan de inbreukmaker
gedwongen worden de herkomst van de inbreukmakende voorwerpen bekend te maken. Verder behoort het
vorderen van rectificatie tot de mogelijkheden.
HET KWEKERS- EN DATABANKRECHT KENNEN geen afzonderlijke handha- vingsbepalingen. Hier gelden
de algemene regels van de onrechtmatige daadsleer.
Zie voor de verschillende rechtsgebieden:
Rechtsgebied - Kwekersrecht |
Databankrecht |
Onrechtmatige daad.
Wij helpen u graag bij de beslissing om wel of geen rechtszaak te beginnen. Ook kunnen we de door u
ingeschakelde advocaat vakkundig ondersteunen. Wij hanteren voor onze dienstverlening
een uurtarief van € 180,- exclusief BTW.
Meer weten? Neem gerust contact met ons op!
Zie ook: Over ons - Vergoedingen.
Email: info@bescherm-uw-idee.nl -
Telefoon: 065 3344558 -
U kunt ook gebruik maken van onderstaand formulier.
Nieuws | Over ons | Doelgroep | Rechtsgebied | Bescherming | Inbreuk | Afspraken | Workshop | Advocatuur
Boek van de
maand
Appetite For Self-Destruction, Knopper (2009)
Film (DVD)
Flash Of Genius, Abraham (2009)
Recensie
Trailer
U komt hier terecht op de website van bol.com.
Boek van de
maand
Appetite For Self-Destruction, Knopper (2009)
Film (DVD)
Flash Of Genius, Abraham (2009)
Recensie
Trailer
U komt hier terecht op de website van bol.com.

Externe links
Links die genoemd worden in de tekst:
Raad voor Rechtsbijstand
HBS/Daneslyle-arrest, Hoge Raad, 2000
Aanwijzing intellectuele-eigendomsfraude -
Openbaar Ministerie
Andere interessante links:
Rechtbanken
Gerechtshoven
Hoge Raad
Wat is rechtspraak
Naar de rechter
En in het algemeen over rechtspraak:
De rechtspraak
Rechtspraak in Nederland 2007
(rapport) -
CBS
Aanbevolen boeken
U komt hier terecht op de website van bol.com.
Nederlands
Nederlands burgerlijk procesrecht, Snijders, Klaassen (2007)
Hoofdlijnen Nederlands burgerlijk procesrecht, Heemskerk, Hugenholtz (2006)
Oplossingsgerichte mediation, Bannink (2006)
Cassatie, Veegens (2005)
Civiel appel, Snijders, Wendels (2003)
Procederen bij dagvaarding in eerste aanleg, Van Mierlo, Van Dam-Lely (2003)
Engels
Royalty Rates for Licensing Intellectual Property, Parr (2007)
Economic Damages In Intellectual Property, Slottje (2006)
Practical Guide To Mediation In Intellectual Property, Technology And Related, MacKernan, Brett, Lang (2006)
Patent Litigation, Pretty (2004)
Externe links vallen buiten onze verantwoordelijkheid.
Bescherm uw Idee b.v.
Advies inzake Intellectuele Eigendom - sinds 2001